Met pensioen gaan

Uw ouderdomspensioen gaat in principe in op uw 65ste. Tenzij u uw pensioen al eerder in heeft laten gaan ontvangt u ongeveer zes maanden voordat u 65 jaar wordt een aanvraagformulier van SPMS. Daarop kunt u eventuele individuele wensen met betrekking tot uw pensioenuitkering aangeven. Welke deze zijn kunt u hier vinden.

De hoogte van uw pensioen hangt af van de trapcode  waarop u in het verleden ingeschaald bent geweest en hoe lang u pensioen heeft opgebouwd. Daarnaast kunt u bij de ingang van uw pensioen ouderdomspensioen uitruilen voor extra partnerpensioen en vice versa. Ook de keuze voor hoge, lage of geen conversie beïnvloedt de hoogte van uw pensioen. Lees hier meer over deze mogelijkheden.
U kunt ook eerder of later met pensioen gaan. Bij SPMS kunt u uw pensioen op zijn vroegst laten ingaan op uw 60ste. En u kunt uw pensioen uiterlijk uitstellen tot uw 70ste. Lees meer over uw pensioen vervroegen of uitstellen.
De leeftijd waarop uw AOW-pensioen aanvangt is afhankelijk van uw geboortedatum. Op de website van de Sociale Verzekeringsbank kunt u berekenen vanaf welk moment uw AOW-pensioen ingaat.
Ook als u pensioen ontvangt heeft u recht op recht op heffingskortingen in de inkomstenbelasting. U kunt ervoor kiezen om deze direct door een uitkeringsinstantie te laten verwerken. U ontvangt dan direct een hogere netto-uitkering. U kunt de korting maar door één instantie laten toepassen. Welke keuze voor u het voordeligst is, hangt af van uw persoonlijke situatie en voorkeur. U kunt op het aanvraagformulier aangeven of u wel of niet de heffingskorting wilt laten toepassen op uw pensioenuitkering van SPMS.
 
Wilt u weten wat voor u het handigst is? Door het invullen van een aantal vragen op de website van de Sociale Verzekeringsbank heeft u snel antwoord.
U mag bijverdienen naast het pensioen dat u van SPMS ontvangt. Eventuele inkomsten naast uw pensioenuitkering zijn niet van invloed op het brutobedrag van uw SPMS-pensioen. Heeft u meerdere bronnen van inkomsten? Dan kunnen de inhoudingen veranderen, waardoor ook de nettobedragen kunnen veranderen. Uw fiscaal adviseur en de Belastingdienst kunnen u hierover nader informeren.
In de brochure Bijna met pensioen leest u meer over de keuzemogelijkheden die u heeft als u met pensioen gaat.